Het Brexit-referendum van juni 2016 heeft ook in het Verenigd Koninkrijk veel stof doen opwaaien. Niet alleen was de uitslag verbijsterend voor allen die binnen de EU wensten te blijven, maar ook in de landsdelen Schotland, Wales en Noord-Ierland reageerde men geschokt. Vooral in Schotland en Noord-Ierland. Hoe zit dat?

Welnu, Groot-Brittannië heeft een staatsbestel waarbij Schotland, Wales en Noord-Ierland een relatieve eigen soevereiniteit hebben. Ze beschikken over een eigen parlement en regering, en kunnen ook zelfstandig beslissingen nemen over een aantal beleidskwesties. Dat stelsel heet ‘devolution’. Het is een vorm van decentralisatie, maar die gaat verder dan de decentralisatie in Nederland. Het is in formeel opzicht geen federalisering omdat de door de centrale regering overgedragen bevoegdheden slechts tijdelijk zijn, in die zin dat ze eventueel kunnen worden terug gedraaid. Dus formeel-constitutioneel is het Verenigd Koninkrijk nog steeds een eenheidsstaat. Maar virtueel-materieel vertoont het kenmerken van een federatie.

Engeland moest dit stelsel introduceren nadat Wales en Schotland in 1997 en 1998 referenda vóór een grotere zelfstandigheid wonnen. Door die devolution in te voeren lukte het de centrale regering om de al vele jaren sluimerende afscheidingsbewegingen de wind uit de zeilen te nemen. Maar dat bleek slechts tijdelijk te werken. Door aan Schotland grote concessies te doen kon de centrale regering een Schots afscheidingsreferendum van 18 september 2014 op het nippertje bezweren, maar meteen na het Brexit-referendum van 23 juni 2016 laaide in Schotland het streven naar een eigen Schotse staat weer op.

Kijk maar eens naar het volgende filmpje, uitgezonden op Channel 4 op 27 juni 2016. [U kunt dit filmpje zien op ons Youtube-kanaal Sterk Leren Academy]

Dat loog er niet om. We zijn nu een paar maanden verder en kunnen vaststellen dat het er in Schotland niet stiller op is geworden. Elke Brexit-bericht van de nieuwe regering versterkt de Schotse afscheidingsmotieven en in Noord-Ierland breekt men zich het hoofd hoe ze de kostbare economische relatie met het oorspronkelijke moederland, namelijk Ierland zelf, overeind kunnen houden als ze over enkele jaren worden gescheiden door een grens met in- en uitvoerrechten.

Het valt te verwachten dat in elk geval Schotland zijn afscheiding doorzet als de het Verenigd Koninkrijk daadwerkelijk uit de EU stapt. Als de regering dat wil voorkómen is er maar één oplossing, namelijk de virtuele federatie upgraden tot een echte, constitutioneel verankerde federatie. Dan, en alleen dan kunnen Schotland, Wales en Noord-Ierland voor het Verenigd Koninkrijk behouden blijven. Dus een daadwerkelijke Brexit aan de ene kant, en niettemin het Verenigd Koninkrijk bijeen aan de andere kant. Dat hoeft voor Schotland niet te betekenen dat het geen zaken zou kunnen doen met de Europese Unie. Constitutioneel en institutioneel is het ook in een federatie mogelijk om aan de lidstaten het recht te geven om een eigen buitenlands beleid te voeren, met eigen ambassades, mits over beleidsonderwerpen die niet reeds door de federale regering worden bestreken. Dat is ook in het federale België op die manier geregeld voor Wallonië en Vlaanderen.

Dat een dergelijke oplossing niet ondenkbaar is kan men afleiden uit het feit dat ook in Engeland gepleit wordt voor het creëren van een federatie. Meer informatie daarover vindt u in mijn video’s in de rubriek Sterk met Europa. Een ontwikkeling in deze richting kan ook grote betekenis hebben voor bijvoorbeeld Spanje. De regio’s Catalonië en Baskenland streven al vele jaren naar onafhankelijkheid. Alleen door de Spaanse regio’s, die toch al veel autonomie hebben, te federaliseren kan men Spanje bijeen houden.

We zullen zien hoe een en ander zich ontwikkelt. Meer informatie vindt u in de rubriek Sterk met Europa, onderdeel van de Sterk Leren Academy.


Delen: Facebooktwitterredditlinkedinmail