In de serie Sterk met Beleid plaats ik enkele opmerkingen over de bestuurlijke organisatie van ons land.

Die is zwaar verouderd. De drie lagen Rijk, Provincies en Gemeenten zijn toe aan een grondige vernieuwingsbeurt. Dat impliceert verandering door middel van structuursturing. Maar dat is oppassen geblazen. Je moet alleen aan structuursturing doen als je aantoont dat problemen voortvloeien uit de structuur. Als je dat niet kunt aantonen, dan moet je veranderingen doorvoeren via processturing en/of kennissturing. Als je meer wilt weten over deze drie sturingsmethoden kun je in de serie Sterk met Beleid van de Sterk Leren Academy twee boeken gratis downloaden. Het ene heet ‘Beleid begint bij de samenleving’ en het andere heeft als titel ‘Vakvereisten voor Politiek en Beleid.

Wat zouden we dan aan die structuur moeten vernieuwen?

Eerst een paar dingen op rijksniveau.

Op rijksniveau vereist de relatie tussen parlement en regering dringend verandering. Ik beperk me tot het noemen van drie interventies.

1.   Ten eerste. In het parlement dient het commissiestelsel volledig te verdwijnen. Dit stelsel creëert sinds 1975 een zogeheten departementalisering van het parlement. Dat houdt in dat de volksvertegenwoordigers allemaal specialisten zijn geworden die in commissies naar de agenda’s van ministeries zitten te kijken. En dus met hun rug naar het volk zitten. Ze zijn allemaal kleine ministertjes die dolgraag willen meebesturen, of tegenbesturen. Voorts alle fractie-assistenten eruit. Die jagen het specialisme, en daarmee de versterking van de departementalisering alleen maar aan. In plaats van die assistenten is een verdrievoudiging van het aantal griffiers nodig.

2.   Ten tweede. De productie van alle vaste en ad hoc adviesorganen moet gericht zijn naar het parlement, en niet naar de regering. De regering bezit al ambtenaren en dossiers en heeft daarmee veel meer kennis dan het parlement. Die balans is onevenwichtig. Om het parlement meer gezag en invloed te geven moeten de parlementariërs, zo mogelijk uitsluitend generalisten, gevoed worden met de productie van de adviesorganen.

3.   Ten derde. Op rijksniveau dient alles wat beter door gemeenten kan worden gedaan te worden overgedragen aan de gemeenten. Met de daarbij behorende middelen, zonder stiekem financiëIe kortingen toe te passen. Verlost van die last kan en moet het rijk zich volledig concentreren op de positie van Nederland in een federaal Europa. Zie daarvoor de serie Federalisering in de rubriek Sterk met Europa.

Nu het provinciale niveau. Daarover kan ik kort zijn. Volledig afschaffen. De provincies zijn al enkele tientallen jaren voorbij hun houdbaarheidstermijn. In de organisatieleer geldt als een van de principes van een sterke organisatie dat er maar drie lagen zijn. Toen de Europese eenwording niet echt als een organisatorische laag fungeerde kon je nog volhouden dat we in Nederland met ons drielagenstructuur goed in elkaar staken. Dat is voorbij. De nieuwe driedeling is: Europa, rijk, gemeenten.

Wat de huidige 193 gemeenten betreft, ook hier is een ingrijpende maatregel nodig: hef ze allemaal op en creëer 40 gemeenten die samenvallen met de zogeheten 40 Corop-gebieden. Dat zijn regio’s die al enkele tientallen jaren bestaan en waarvan de samenhang tussen bevolking en geografie zodanig homogeen is dat ze voor diverse planningsdoelen worden gebruikt. Hevel alle personeel, geld, onroerende en roerende goederen van de provincies over naar die 40 Corop-gemeenten: waar de belangrijkste beslissingen worden genomen voor de gedragsalternatieven van burgers, daar moeten ook de beslissingsbevoegdheden plus de middelen liggen.

Meer kennis over beleidskwestie vindt u in de serie Sterk met Beleid in de Sterk Leren Academy.

En als u zich abonneert op ons Youtube-kanaal, dan ontvangt u regelmatig nieuwe vlogs en blogs.


Delen: Facebooktwitterredditlinkedinmail